Portaal

Biografie
Werken
Over het leven en het werk van Mandel...
Debatten, interviews, ...
Multimedia
Contact
Mailinglist

Nu voor 12 euro!

Dubbele DVD:

Links
Castellano
Deutsch
English
Français

Een mens genaamd Ernest Mandel
Ernest Mandel - Internet-archief
Frans Buyens

Afdrukken

Rood, jaargang 38, september 2005


Frans Buyens

Hier volgen uittreksels uit de VRT-documentaire die Frans Buyens in 1972 maakte over Ernest Mandel. De volledige documentaire zal in avant-première getoond worden op zaterdag 19 november 2005 naar aanleiding van een colloquium in Brussel over Ernest. De documentaire zal vanaf november beschikbaar zijn op DVD, samen met een tweede DVD die in de maak is over het leven van Ernest Mandel. (Chris Den Hond

Mijn ambitie is de wereld te helpen veranderen, de fundamentele verandering van de maatschappij. Dat is een grootse ambitie, omdat de verandering die wij willen teweegbrengen de grootste, de diepste maatschappelijke omwenteling is in de geschiedenis van de mensheid; we willen een maatschappij scheppen waarin al degenen die tot nu toe uitgebuit en onderdrukt werden in de rechtstreekse, onmiddellijke en dagelijkse zin van het woord de meesters, de bazen worden.

Bliksemafleiders, daar kan men tegen. Mensen die kritiek uitbrengen op de maatschappij, scherpe wetenschappelijke kritiek, die de euvels van de maatschappij ontleden, die zelfs profeten van onheil zijn, dat speelt allemaal een positieve rol. Dat kan allemaal in de maatschappijsystemen worden geïntegreerd. Waar het gevaarlijk wordt, waar men zegt: "Tot hier en niet verder", dat is het punt waar revolutionaire en kritische theoretici niet alleen zeggen wat er slecht is, maar ook zeggen dat je daar iets tegen moet doen. Oproepen tot actie, oproepen tot handelen. Ik ben dus in de ogen van de heersenden een gevaarlijk iemand, omdat ik mij er niet toe beperk te zeggen wat iedereen weet en voelt, dat er fundamenteel dingen zijn in deze maatschappij die niet kloppen, maar dat ik een stuk verder ga. Waar zouden we naartoe gaan, wanneer al degenen die ervan overtuigd zijn dat wij in een slechte maatschappij leven, zouden beginnen te handelen tegen die maatschappij. Ik geloof niet dat die lang zou blijven leven.

Waar het regeringen in werkelijkheid om gaat, is niet zozeer de ideeën per se te bevechten. Ideeën die in de lucht zweven, die op papier staan, die gedrukt worden of alleen maar door het gesproken woord gedragen zijn, dat vrezen die heren niet zo sterk. Wat zij vrezen is de organisatie. Wat zij vrezen is de georganiseerde actie, het georganiseerd trachten die ideeën te verwezenlijken.

Waarom is het belangrijk de maatschappij radicaal en globaal te veranderen? Niet alleen om betere verhoudingen te kennen dan de huidige, niet alleen om redenen van meer rationaliteit, rechtvaardigheid en broederlijkheid, maar omdat het voortwoekeren van een ten dode opgeschreven maatschappij geweldige gevaren met zich meebrengt. Marx heeft 125 jaar geleden reeds voorspeld dat, wanneer de mensheid zou toelaten dat het kapitalisme overleeft, dat we dan een tendentiële omvorming zouden kunnen krijgen van productiekrachten in destructiekrachten. Wij zien vandaag op verschrikkelijke wijze de potentiële verwezenlijking van die dramatische voorspelling. We leven allemaal in de schaduw van een kernwereldoorlog en een kernenergie die alle hogere vormen van leven op aarde zou kunnen vernietigen. Wij leven nu in de schaduw van een permanente milieuverontreiniging die de atmosfeer, het water, de elementaire levensvoorwaarden voor de mens binnen een eeuw of een halve eeuw reeds in vraag kan stellen. Wij leven ook in een inwendige milieuverontreiniging van de mens door de verschrikkelijke gevolgen die de kapitalistische vervreemding, vervreemding van de producent, van de verbruiker, van de burger in de individuen verwekt. De vreselijke toename van geestesziekten, van verstoring van geestelijk en moreel evenwicht in de individuen, kortom de gevaren die op ons toekomen zolang wij in zulke maatschappij blijven leven. Die gevaren groeien exponentieel. Ze nemen veel sterker toe dan de economische groei, groeien veel sterker dan de materiële rijkdom. Nu reeds hebben ze verschrikkelijke zaken tot gevolg, de honger in de derde wereld, miljoenen mensenlevens worden elk jaar vernietigd niet ten gevolge van de absolute verarming van de mensheid, maar van de slechte verdeling of verkeerd gebruik van de materiële hulpbronnen. Al die verschrikkelijke dingen dreigen zich te vermenigvuldigen wanneer die irrationele maatschappij verder blijft bestaan.

Als je acht uur voor een baas werkt, als je acht uur aan de band staat, als je acht uur mechanisch werk doet, dan kan je niet het gevoel hebben dat je voor de ontplooiing van je eigen persoonlijkheid werkt. Daarin kan het kapitalisme niet slagen en daarom krijg je dus periodische uitbarstingen van ontevredenheid tegen die vervreemding, tegen die arbeidsorganisatie, tegen die bedrijfsstructuur. Dat is vandaag misschien de hoofdbron van opstandigheid in de werkende klasse en de belangrijkste verklaring waarom er gebeurtenissen zoals mei ‘68 komen. Dat is ook de reden waarom mijn vrienden van de Revolutionaire Arbeidersliga en ikzelf sinds jaren onder andere propaganda maken voor de leuze van de arbeiderscontrole op de productie.   

Che Guevara

De ontmoeting met Che Guevara in 1964 is voor mij een belevenis geweest; de ontmoeting met een groot revolutionair leider die zich in dezelfde traditie van Marx, Lenin, Trotsky vereenzelvigt, die geen enkele persoonlijke machtswellust of berekening of behoud van materiële voordelen nastreeft. Zijn gedachten, beslommeringen en dromen draaiden uitsluitend om de revolutie. Terzelfdertijd zou het zeer verkeerd zijn in hem een romanticus te zien, iemand die alleen maar droomde en met zijn hoofd in de wereldrevolutie of in de revolutie van Zuid-Amerika leefde. Che, zoals trouwens Trotsky in Rusland tijdens de opgaande jaren van de Russische revolutie, werd als een knappe administrator beschouwd. Zijn ministerie was het enige waar de mensen op tijd binnenkwamen, waar alles normaal functioneerde. In de discussie, waar wij het vooral hadden over de wetmatigheden en de perspectieven van de Zuid-Amerikaanse revolutie heeft hij op een bepaald moment buitengewoon fier een pakje met lucifers getoond, het eerste pakje lucifers dat in Cuba zelf was gefabriceerd met brevetten van de revolutie en waar elk lucifertje ook echt ontbrandde. Hij zei: "Even belangrijk als de revolutie in Zuid-Amerika om het socialisme op te bouwen is de zekerheid te hebben dat de zaken even goed werken als onder het kapitalisme, dat het eten niet op vuile borden wordt opgediend, dat de lucifers ontsteken als je een sigaret wil aansteken." In die zin was dat een buitengewoon rijke en rijpe persoonlijkheid. De latere geschiedenis en zijn tragische dood kunnen alleen maar verklaard worden - zoals de latere geschiedenis van Trotsky in de Russische revolutie - uit de inwendige tegenstellingen van een zegevierende socialistische revolutie, opgesloten in een economisch achterlijk land, waar op zuiver sociaal-economische basis wel vooruitgang mogelijk is, maar geen definitieve oplossing van de problemen die de revolutie heeft gesteld.

Die definitieve oplossing kan er maar alleen komen door de internationale uitbreiding van de revolutie en het verschil tussen Castro en Stalin of tussen Castro en de Russische staatsleiding van de jaren 20 is dat die Russische staatsleiding aan Trotsky in de jaren 20 niet de toelating heeft gegeven om naar Duitsland te gaan om te proberen een rol te spelen in de socialistische omwenteling in de rest van Europa en de wereld, terwijl Castro nog altijd revolutionair genoeg was om aan Che die kans wel te geven, namelijk de uitbreiding van de revolutie in de rest van Zuid-Amerika te bevorderen met zijn eigen actie.  

De mens en het socialisme

Het zal u misschien verwonderen wat ik u nu ga zeggen als orthodox marxist, maar er zit in de mens een vonk die je niet kan onderdrukken, die in elke maatschappij periodisch altijd weer begint te springen. Dat is een vonk van zucht naar rechtvaardigheid en gelijkheid, een vonk van opstand en opstandigheid tegen onrechtvaardige, uitbuitende, ongelijke toestanden. Wanneer ik zo overtuigd ben van de uiteindelijke overwinning van het socialisme onder modellen van echt arbeiderszelfbeheer en echte socialistische democratie, dan is het in laatste instantie om die reden. Omdat er geen reden is aan te nemen dat de mens van de 20ste of de 21ste eeuw zich anders zal gedragen dan de mens van de eerste eeuw van onze tijdsrekening, of dan de mens van de 15e, 16e, 17e of 18e eeuw. “Als Marx zegt, de geschiedenis van de mensheid is de geschiedenis van klassenstrijd, dan zegt hij ook - want dat zit daar impliciet in: de geschiedenis van de mensheid is de geschiedenis van de opstanden en revolutie tegen klassenheerschappij. Dat gaat als een rode lijn in heel de geschiedenis van de mensheid. Dat zal in de toekomst evenzo het geval zijn als in het verleden. Die vonk van opstandigheid en van zucht naar rechtvaardigheid kan geen manipulatie, machtsapparaat of terreur werkelijk voor altijd dooddrukken.”

Ik zeg niet - en dat is een misverstand dat dikwijls opduikt in discussies tussen marxisten en katholieken - ik zeg niet dat het socialisme op zichzelf alles oplost. Wij beloven niet het paradijs op aarde. Integendeel, wij beloven maar kleine dingen. Uitschakeling en verhindering van oorlog, honger, onderdrukking, uitbuiting, ellende, ongelijkheid. Al de rest, wat Marx zeer treffend "het menselijk drama" heeft genoemd, dat zal pas beginnen onder die omstandigheden. Wat dat zal geven, welke problematieken dat zal opleveren, kan geen mens nu al duidelijk uitstippelen. Het enige wat we kunnen zeggen is dat het drama dat we in de jongste duizenden jaren hebben gekend, een onwaardig drama is voor de mens. Dat is een onmenselijk drama. Dat is een drama op dierlijke basis, the struggle for life, de strijd van allen tegen allen, homo homine lupus. Dat kunnen we uitschakelen, daar ben ik vast van overtuigd. De rest, wel, de rest zal dan beginnen. Dat is dan een uitdaging aan alle geestesstromingen, morele stromingen, wijsgerige stromingen om te zien wat er dan van de mens zal kunnen worden gemaakt, wat de mens van zichzelf zal kunnen maken als zijn maatschappelijke en zijn economische ellende zijn uitgeschakeld. Maar dat lijkt mij toch wel een lovenswaardig doel om dat eerst uit te schakelen, zelfs als we er vast van overtuigd zijn dat daarmee alle problemen nog niet zijn opgelost.

Wanneer ik mij dus trotskist noem of leninist of revolutionair-marxist, dan is dat allemaal hetzelfde. Dan betekent dat dus dat ik aanknoop bij die democratische traditie van de klassieke socialistische en communistische arbeidersbeweging; dat ik geloof dat geen machtsapparaat, geen éénpartijstelsel, geen censuur, geen onderdrukking van het stakingsrecht, van de vrije ontplooiing van de arbeiders nodig of mogelijk is bij een werkelijke opbouw van een klasseloze, een socialistische maatschappij.

Ik geloof dat wij in het begin leven, in het beginstadium van de poging tot een socialistische verandering van de wereld. De eerste zegevierende socialistische omwenteling heeft pas een halve eeuw geleden plaatsgevonden. Het tijdperk van de socialistische revolutie heeft tot nu toe maar 50 jaar geduurd. De fundamentele omvorming van de maatschappij vergt over het algemeen meer tijd. Het tijdperk van de omvorming van de feodaliteit tot het moderne kapitalisme nam 3 tot 4 eeuwen in beslag. Ik geloof niet dat het 3 tot 4 eeuwen zal duren vooraleer we in een socialistische wereld leven.

 

Contact webmaster

Avec le soutien de la Formation Leon Lesoil, 20, rue Plantin, 1070 Bruxelles, Belgique